De grootste vertraging bij projecten met tijdelijke verkeersmaatregelen ontstaat zelden buiten op de weg, maar meestal in de voorbereiding. Een vergunning die te laat is aangevraagd of een verkeersplan dat wordt afgekeurd, zet de complete uitvoeringsplanning onder druk. Wie de verkeersmaatregelen vroeg in het project oppakt, voorkomt dat de ploeg op dag één stilstaat, omdat de afzetting er niet mag staan.
Waarom het papierwerk de planning bepaalt
Voor werkzaamheden op of langs de openbare weg is in veel gevallen een TVM-vergunning nodig: een vergunning voor tijdelijke verkeersmaatregelen, afgegeven door de wegbeheerder. Daarbij hoort doorgaans een verkeersplan dat laat zien hoe het verkeer tijdens het werk wordt geleid en hoe de werkplek wordt afgeschermd.
De wegbeheerder beoordeelt dat plan voordat er iets op straat mag gebeuren. Hoeveel tijd die beoordeling kost, verschilt per wegbeheerder en per type weg. Wie de aanvraag pas indient als de uitvoeringsdatum al vaststaat, loopt het risico dat de vergunning er op die datum simpelweg nog niet is. In dat geval schuift het hele werk op, inclusief de ploegen en het materieel die al waren ingepland.
Een afgekeurd verkeersplan betekent opnieuw beginnen
Een verkeersplan moet voldoen aan de richtlijnen van CROW 96a en 96b, de landelijke richtlijnen voor verkeersmaatregelen bij wegwerkzaamheden, en aan het RVV, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens. Daarbovenop stelt elke wegbeheerder zijn eigen eisen.
Een plan dat op één van die punten tekortschiet, komt terug met opmerkingen. Dan moet u het plan aanpassen en opnieuw indienen, en begint de beoordelingstermijn vaak van voren af aan. Juist daarom is het verstandig om het verkeersplan te laten opstellen door iemand die de richtlijnen en de eisen van de betrokken wegbeheerder kent. Hoe een afzetting er precies uit moet zien, hangt af van de wegcategorie en de situatie ter plaatse; dat is specialistisch terrein waarin u zich als aannemer of organisator niet zelf hoeft te verdiepen.
Materiaal en mensen zijn geen sluitpost
Naast het papierwerk vraagt ook de fysieke kant om voorbereiding. Denk aan:
- Bebording en afzetmateriaal
- Barriers en bouwhekken
- Tekstkarren en pijlwagens
- Gecertificeerde verkeersregelaars
- Een tijdelijke verkeersregelinstallatie (VRI), een tijdelijk verkeerslicht voor bijvoorbeeld beurtelings verkeer
In drukke periodes is de beschikbaarheid van materiaal en verkeersregelaars vaak beperkt. Wie dit pas in de laatste week regelt, loopt de kans dat de benodigde capaciteit al vergeven is. In dat geval start het werk alsnog later, terwijl de vergunning wel rond was.
Eén aanspreekpunt voorkomt gaten in de keten
Veel vertraging ontstaat op de overdrachtsmomenten. Het plan is bijvoorbeeld klaar, maar de vergunningaanvraag ligt bij iemand anders. Het materiaal komt vervolgens weer van een derde partij. Elke schakel die op een andere wacht, vormt een risico voor de planning.
Daarom kiezen veel aannemers en gemeenten voor een partij die het hele traject verzorgt, van verkeersplan tot plaatsing van de maatregelen, inclusief de vergunningaanvraag. Zwambag Verkeerstechniek is een voorbeeld van zo'n landelijk werkende specialist met eigen materieel en eigen bordenproductie. Twijfelt u in een vroeg stadium over de fasering of de omleidingsroute, dan kunt u voor verkeerskundig advies Zwambag inschakelen, zodat knelpunten op tafel komen voordat het plan bij de wegbeheerder ligt. Hoe zo'n compleet traject is opgebouwd, staat op zwambagverkeerstechniek.nl beschreven.
Verkeersmaatregelen vanaf dag één meenemen
Behandel verkeersmaatregelen als een volwaardig onderdeel van de werkvoorbereiding, niet als een actiepunt voor de laatste week. Zet de vergunningaanvraag direct na de gunning in gang en laat het verkeersplan opstellen door iemand die de eisen van de wegbeheerder kent. Leg materiaal en verkeersregelaars vast zodra de uitvoeringsdatum in beeld komt. Zo bepaalt het werk buiten de planning, en niet het papierwerk binnen.